700 micrometer!
Potloodstift is het dunne staafje in een potlood dat sporen achterlaat op papier. Ondanks de naam bevat de stift geen metaal lood. De stift is gemaakt van grafiet, een vorm van koolstof, gemengd met een bindmiddel dat het staafje bij elkaar houdt. De verkenner toont een vulpotloodstift met een diameter van 0,7 millimeter, een van de standaardmaten.
Stiften voor vulpotloden zijn er in een reeks standaardmaten. De internationale norm ISO 20318-2 sorteert ze op nominale diameter, de maat die op het doosje staat. De norm noemt nominale diameters van 0,2 tot 2 millimeter, waaronder 0,3, 0,5, 0,7 en 0,9. De stift in de verkenner heeft de maat van 0,7 millimeter.
Een nominale diameter is een aanduiding. De norm legt voor elke maat apart vast welke exacte dikte is toegestaan. De norm vermeldt dat sommige maten twee aanduidingen hebben: 0,3 en 0,35, en 0,9 en 1. Een stift en een potlood met dezelfde aanduiding horen op elkaar te passen, ook als ze van verschillende fabrikanten komen.
ISO 20318-2 beschrijft een zwarte potloodstift als een vast schrijfmateriaal dat bestaat uit een zwart kleurmiddel, zoals grafiet, en een bindmiddel. Grafiet is een van de vormen van zuivere koolstof. De koolstofatomen zijn stevig gebonden in vlakke lagen, maar de lagen zitten slechts zwak aan elkaar vast. Als een potlood over papier wordt getrokken, schuurt er grafiet af dat als streep achterblijft.
Dezelfde zwakke lagen maken grafiet zacht en glad, en daarom wordt het ook als smeermiddel gebruikt. Het Northern New England Poison Center, een Amerikaans vergiftigingscentrum, wijst erop dat potloodstift van grafiet is gemaakt en niet van het metaal lood dat loodvergiftiging veroorzaakt.
Stiften zijn er ook in hardheidsgraden, aangeduid met letters en cijfers. In ISO 20318-2 lopen de graden van 9H, de hardste, tot 6B, de zachtste. Hardere stiften trekken lichtere lijnen en zachtere stiften donkerdere. HB is de middelste graad, en Pentel beschrijft zijn HB-stift als gelijkwaardig aan een Amerikaans potlood nr. 2.
De norm noemt de maat van 0,7 millimeter in acht graden, van 4H tot 2B. Ook geeft de norm toe dat er nog geen wetenschappelijke definitie van een hardheidsgraad bestaat. Het testen van een graad hangt daarom nog deels af van beoordeling en niet alleen van meting.