4 zettameter!
Het Kikkervisstelsel, ook in catalogi vermeld als UGC 10214 en Arp 188, is een verstoord spiraalstelsel met een lange staart van sterren. Van de verre rand van de schijf tot het eind van de staart is het ongeveer 400.000 lichtjaar lang. Een lichtjaar is de afstand die licht in één jaar aflegt, ongeveer 9,46 biljoen kilometer. Het sterrenstelsel ligt op ongeveer 420 miljoen lichtjaar afstand, in het sterrenbeeld Draak.
Bij het Kikkervisstelsel is de grootte de lengte, gemeten langs de schijf en de staart samen. Thomas Jarrett en collega's vonden dat de hoofdschijf ongeveer 124.000 lichtjaar breed is en dat de staart daarbuiten nog eens 245.000 lichtjaar reikt. Dat maakt in totaal ongeveer 370.000 lichtjaar. Het Hubble-team van de Europese ruimtevaartorganisatie ESA zegt dat de staart zich uitstrekt over meer dan 280.000 lichtjaar, waardoor het hele sterrenstelsel iets meer dan 400.000 lichtjaar lang zou zijn.
Ook waterstofgas, dat met radiotelescopen is waargenomen, strekt zich langs de staart uit, over ongeveer 100.000 parsec, ofwel ongeveer 330.000 lichtjaar. Een parsec is ongeveer 3,26 lichtjaar. De afmetingen hangen ook af van de afstand die elke studie aanneemt, en die heeft een onzekerheid van enkele procenten.
De vorm van het Kikkervisstelsel is het gevolg van een botsing. Een klein, compact, zeer blauw sterrenstelsel passeerde het Kikkervisstelsel dichtbij, en de zwaartekracht van het kleine sterrenstelsel trok aan het Kikkervisstelsel. Die aantrekking trok sterren en gas uit de schijf en rekte ze uit tot de lange staart. Astronomen noemen zo'n stroom een getijdenstaart.
Op de opname van Hubble is de indringer nog te zien, door de linkerbovenkant van de schijf heen. Het team achter die opname beschrijft de indringer als een waarschijnlijk “hit and run”-sterrenstelsel dat het toneel nu verlaat. De indringer heeft minder dan een tiende zoveel gas als het Kikkervisstelsel. De lengte van de staart, gedeeld door de snelheid waarmee het gas werd weggeslingerd, doet vermoeden dat de ontmoeting ongeveer 250 miljoen jaar geleden plaatsvond.
De opnamen van Hubble tonen tientallen heldere blauwe sterrenhopen in de spiraalarmen en de staart van het Kikkervisstelsel. In elk ervan ontstonden tot ongeveer een miljoen sterren. De sterrenhopen zien er blauw uit omdat ze zeer zware sterren bevatten, die ongeveer 10 keer zo heet zijn als de Zon en een miljoen keer zo helder.
Sommige sterrenhopen in de staart zijn pas 3 tot 10 miljoen jaar oud, veel jonger dan de staart zelf. Ze moeten in de staart zijn ontstaan, lang na de botsing, en niet in de schijf. Twee grote klompen jonge sterren in de staart worden waarschijnlijk dwergstelsels, kleine sterrenstelsels die om het Kikkervisstelsel zullen draaien.